Monthly Archives: juni 2015

download

Hypnose in de wetenschap

Wat is hypnose? Volgens de wetenschappelijke definitie is het een staat van bewustzijn waarbij er een verhoogde oplettendheid is en een verminderde bewustzijn van de omgeving. Hierdoor wordt er eerder gereageerd op suggesties. De term is bedacht door James Braid in het begin van de 19e eeuw. Hij paste deze oude methode toe in zijn medische praktijk en dacht dat zijn patiënten in een slaaptoestand kwamen. Vandaar de naam hypnose, want hypnos betekent ‘slaap’ in het Grieks. Maar later kwam Braid erachter dat ze juist in een staat kwamen van hogere concentratie en alertheid.

Linker en rechter hersenhelft bij hypnose
Hoe hypnose precies werkt is nog steeds niet bekend. Wel staat het vast dat het het bewustzijn verandert. De linkerhersenhelft, die vooral betrokken is bij het analytisch vermogen, de logica en verstandelijke functies, wordt minder actief. Tegelijkertijd wordt de rechterhelft juist actiever. Hierdoor ervaar je meer gevoelens, krijg je meer indrukken binnen en kom je terecht in een soort onderbewustzijn. In die toestand is het makkelijker om gedachtepatronen of handelingen te veranderen. Vandaar dat hypnose wordt toegepast voor het genezen van allerlei stoornissen, zoals:images

  • Fobieën
  • Verslavingen
  • Psychosomatische aandoeningen
  • Depressie
  • Posttraumatische stress

Mythes over hypnose
Er gaan verschillende mythen over hypnose de ronde. Zo wordt er gedacht dat een hypnotiseur iemand dingen kan laten doen die hij eigenlijk niet wil, zoals zich gedragen als een aap of een rauwe ui eten. Maar tijdens de hypnose raak je nooit de controle over jezelf kwijt en doe je nooit dingen tegen je wil. Of iemand gehypnotiseerd kan worden hangt dan ook grotendeels af van de persoon die het ondergaat. Als hij niet gehypnotiseerd wil worden, dan zal het niet gebeuren. Bovendien is de ene persoon makkelijker te beïnvloeden om iets te doen dan de ander. Daarnaast speelt de hypnotiseur natuurlijk een grote rol. Door zacht en langzaam te praten krijgen de woorden meer impact. Het helpt om een suggestief woordgebruik toe te passen, zodat er eerder op wordt gereageerd.
Ook denken veel mensen dat je je ineens allerlei dingen uit het verleden kan herinneren dankzij hypnose. Hoewel het inderdaad klopt dat je tijdens de hypnose makkelijker herrinneringen ophaalt, is de kans ook groot dat je valse herrinneringen creeert. Dat is de reden dat hypnose zelden toegepast wordt bij rechtszaken.download

Literatuur:

  • Elkins, G. R., Barabasz, A. F., Council, J. R., & Spiegel, D. (2015). Advancing research and practice: The revised APA Division 30 definition of hypnosis. International Journal of Clinical and Experimental Hypnosis,63, 1–9.
  • Hammond, D. C. (2015). Defining Hypnosis: An Integrative, Multi-Factor Conceptualization. American Journal of Clinical Hypnosis57(4), 439-444.
  • Lynn, S. J., Laurence, J. R., & Kirsch, I. (2015). Hypnosis, Suggestion, and Suggestibility: An Integrative Model. American Journal of Clinical Hypnosis,57(3), 314-329.
  • Puchol Esparza, D. (2002). Hipnosis clínica: Mitos, realidades y posibilidades terapéuticas.
  • Wickramasekera, I. A. (2015). Mysteries of Hypnosis and the Self Are. Psychology and Neuroscience of Empathy, American Journal of Clinical Hypnosis 57(3), 330-348.