Category Archives: Gezondheid

download (4)

Mateloos genieten van een drankje?

Bijna twee miljard mensen drinken wereldwijd regelmatig alcohol. Een feestje is geen feest zonder bier, wijn, cocktails en sterke drank. Na een dag hard werken is er niets beter dan een fris biertje als beloning. We houden ons dan ook graag voor dat alcohol niet alleen voor ontspanning zorgt, maar ook goed is voor de gezondheid: meer dan vier glazen alcohol per week zorgen voor 52% minder kans op reumatische artritis, meer dan 20 glazen alcohol per maand geven de kleinste kans op het metabolische syndroom en zeven tot dertien drankjes verminderen het meest de kans op dementie.

Het hart ophalen aan alcohol
Alcohol vermindert ook de kans op problemen met het hart. Dat komt goed uit, aangezien coronaire hartziekten doodsoorzaak nummer één zijn in welvaartslanden. Dit wordt onder andere veroorzaakt door een teveel aan zogenaamde ‘low-density lipoproteins’ (LDL’s). De oxidatie van van deze proteïnen resulteert in OxLDL, dat vervolgens wordt verwijderd door macrofagen. Deze cellen ruimen lichaamsvreemde stoffen en kapotte delen op door ze in hun geheel ‘op te slokken’ en vervolgens af te breken. Door het verwijderen van deze geöxideerde LDL’s oimages (1)ntstaan zogenaamde ‘foam’ cellen, die er lekker uitzien als schuim. Hoe meer foam cellen er ontstaan, hoe moeilijker het wordt om cholesterol te verwijderen. Hierdoor ontstaat er plaque die ervoor zorgt dat de slagaders nauwer worden.
High-density lipoproteins (HDL’s) kunnen juist voorkomen dat de slagaders dicht slibben. Door regelmatig alcohol te drinken neemt het aantal HDL’s toe. Daarbij is rode wijn het meest effectieve geneesmiddel, maar witte wijn en bier heeft ook een positief effect. Een te hoog alcoholpercentage, zoals whisky, werkt wel weer averechts.

Drink met mate
Een teveel aan alcohol zorgt er juist voor dat de functie van HDL’s geremd wordt. Overmatig alcoholgebruik zorgt bijvoorbeeld voor een grotere kans op hoge bloeddruk, hartaanval, hartritmestoornissen, leverfalen en cardiomyopathie, ook wel hartspierziekte genoemd, waarbij de hartspieren niet meer goed kunnen samentrekken. Bij jongeren zorgt het bovendien voor een slechte ontwikkeling van het brein doordat de grijze stof wordt aangetast en de groei van witte stof wordt geremd.

Carcinogeen
Helaas is ook drinken met mate niet zonder gevaren. Alcohol is een klasse één carcinogeen, de risico’s ervan zijn dus onomstreden. Borstkanker krijg je met één glas al 8% sneller. Dat percentage is 2% hoger voor darmkanker. Het drinken van meer dan zes glazen alcohol zorgt drie keer eerder voor kanker in de mond en keel. Hoe meer het alcoholgebruik, des te groter de kans. Hetzelfde geldt voor slimages (2)okdarmkanker.
De reden voor de grotere kans op kanker heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat acetaldehyde, een product dat overblijft als alcohol wordt afgebroken, zorgt voor verwijdering van stukken uit DNA-strengen, afwijkingen van chromosomen, het ontstaan van mutaties in het DNA, minder goede celdeling en een minder effectief BRCA1 gen, dat kanker onderdrukt.  Bovendien is alcohol een antioxidant, wat ook geassocieerd wordt met kanker.

Je hebt het voor het kiezen
Al met al is er dus geen goede optie: of je drinkt geen alcohol, maar dan heb je meer kans op hartziekten, of je drinkt regelmatig één glaasje, maar dan is er een grote kans dat je één of andere kankersoort krijgt. Je zou er haast moedeloos van worden.

Literatuur:

  • Di Giuseppe, D., Alfredsson, L., Bottai, M., Askling, J., & Wolk, A. (2012). Long term alcohol intake and risk of rheumatoid arthritis in women: a population based cohort study. Bmj345.
  • Freiberg, M. S., Cabral, H. J., Heeren, T. C., Vasan, R. S., & Ellison, R. C. (2004). Alcohol consumption and the prevalence of the metabolic syndrome in the US A cross-sectional analysis of data from the Third National Health and Nutrition Examination Survey. Diabetes Care27(12), 2954-2959.
  • Harvie, M., Howell, A., &   Evans, D. G. (2015). Can Diet and Lifestyle Prevent Breast Cancer: What Is the Evidence? Geraadpleegd op 22 mei, van http://jpmph.org/journal/view.php?doi=10.3961/jpmph.14.052
  • Mukamal, K. J., Kuller, L. H., Fitzpatrick, A. L., Longstreth Jr, W. T., Mittleman, M. A., & Siscovick, D. S. (2003). Prospective study of alcohol consumption and risk of dementia in older adults. Jama289(11), 1405-1413.
  • O’Malley, S. S., Gueorguieva, R., Wu, R., & Jatlow, P. I. (2015). Acute alcohol consumption elevates serum bilirubin: An endogenous antioxidant. Drug and alcohol dependence149, 87-92.
  • Roswall, N., & Weiderpass, E. (2015). Alcohol as a Risk Factor for Cancer: Existing Evidence in a Global Perspective. Journal of Preventive Medicine and Public Health48(1), 1.
  • Squeglia, L. M., Tapert, S. F., Sullivan, E. V., Jacobus, J., Meloy, M. J., Rohlfing, T., & Pfefferbaum, A. (2015). Brain development in heavy-drinking adolescents. American Journal of Psychiatry, AJP in Advance, doi: 10.1176/appi.ajp.2015.14101249.

 

download (2)

Actie onder de wol: wat er gebeurt als je slaapt

Alle dieren slapen, de één wat langer dan de ander. Zo slaapt een giraf nog geen twee uur per dag, terwijl de tweevingerige luiaard zijn naam eer aandoet met 20 uur slaap. De mens zit daar ongeveer tussenin met gemiddeld acht uur.
De functie van slapen is nog steeds niet helemaal bekend. Wel is het duidelijk dat het een belangrijke rol moet spelen, aangezien dieren in  het wild een groot risico lopen in zo’n onoplettende toestand. Ze zouden zich alleen in zo’n zwakke positie brengen als het daadwerkelijk nodig is.
Inmiddels is men erachter gekomen dat het in ieder geval een belangrijke factor is voor een goede gezondheid. Chronische slaaptekort heeft grote gevolgen voor de mens. Sterker nog, het kan zelfs dodelijk zijn.

Grote schoonmaak
Een belangrijke reden voor slaap lijkt te zijn dat ’s nachts er een grote schoonmaakbeurt in het brein is. Er komen allerlei gifstoffen in de hersenen door verschillende processen. Omdat de hersencellen erg gevoelig zijn, is het belangrijk dat deze zo snel mogelijk worden opgeruimd. Er zijn zelfs stoffen die voor blijvende neurale beschadigingen zorgen. Zowel overdag als in de nacht worden deze giffen dan ook weggehaald. Dat wordt gedaan door het zogenaamde interstitiële vloeistof dat om de neuronen stroomt en stoffen uitwisselt met het cerebrale vloeistof. Maar tijdens het slapen gebeurt de schoonmaak twee keer zo snel. Deze versnelling is te danken aan 60% meer ruimte vodownload (1)or interstitiële vloeistof doordat de hersencellen krimpen.

Barrière voor het brein
Slaaptekort zorgt er ook voor dat bacteriën en virussen makkelijker kunnen doordringen tot de hersenen. Normaal gesproken zorgt de bloed-hersenbarrière door sterke verbindingen tussen de cellen ervoor dat kleine deeltjes in het bloed niet bij de hersenen kunnen komen. Dit is een natuurlijke blokkade tegen bacteriën en virussen. Dankzij actieve transportsystemen kunnen er wel gewenste moleculen uitgewisseld worden.
Maar door chronische slaaptekort wordt de bloed-hersenbarrière makkelijker doordringbaar voor ongewenste indringers, zo bleek uit een onderzoek dat is verschenen in The Journal of Neuroscience. Dezelfde onderzoekers kwamen er ook achter dat de bloed-hersenbarrière minder glucose naar de hersenen bracht doordat de expressie van genen voor het aanmaken van glucosetransporters werd onderdrukt door slaaptekort. Glucose is één van de belangrijkste voedingstoffen voor het brein en is onmisbaar.

Niet meer en niet minder
Als je minder dan zeven uur per dag slaapt of vele keren per nacht wakker wordt, heb je een grotere kans op hartfalen. Ook het lange termijn geheugen gaat erdoor achteruit. Bovendien krijg je er ADHD symptomen van, zoals minder goed presteren, hyperactiviteit, prikkelbaarheid en concentratieproblemen.
Te veel slaap is misschien wel nog slechter. Mensen die langer dan 7,5 uur slapen overlijden eerder dan mensen die minder dan zeven uur nachtrust hebben. Wat de oorzaak hiervoor is, is nog niet bekend.

Literatuur:

  • He, J., Hsuchou, H., He, Y., Kastin, A. J., Wang, Y., & Pan, W. (2014). Sleep restriction impairs blood–brain barrier function. The Journal of Neuroscience,34(44), 14697-14706.
  • Xie, L., Kang, H., Xu, Q., Chen, M. J., Liao, Y., Thiyagarajan, M., … & Nedergaard, M. (2013). Sleep drives metabolite clearance from the adult brain.science342(6156), 373-377.
  • Yoon, S. Y. R., Jain, U. R., & Shapiro, C. M. (2013). Sleep and daytime function in adults with attention-deficit/hyperactivity disorder: subtype differences. Sleep medicine14(7), 648-655.
  • Youngstedt, S. D., & Kripke, D. F. (2004). Long sleep and mortality: rationale for sleep restriction. Sleep medicine reviews8(3), 159-174.
IMG_20150417_143540

Kankerpillen: eerder dood door vitaminepillen

Tegenwoordig word je haast doodgegooid met wat je niet meer mag eten. Fris, vleeswaren, light-producten en magnetronpopcorn zijn een paar voorbeelden die  kankerverwekkend zijn. Nu kan je vitaminepillen ook nog op dat kankerlijstje zetten. Want het is inmiddels bewezen dat je door  vitaminepillen met antioxidanten eerder onder de grond belandt.

Antioxidantenhype
Eerst ging men ervan uit dat antioxidanten het verouderingsproces vertraagden en kanker konden voorkomen. Dat zou komen doordat ze vrije radicalen te lijf gaan. Vrije radicalen zorgen voor schade aan de cellen door oxidatie, een proces waarbij een electron wordt weggehaald van een molecuul. Uiteindelijk leidt dit tot de vernieling van complete weefsels en organen. Tot deze conclusie kwam  Denham Harman in 1945 doordat hij zag dat hoe ouder men was, hoe meer oxidanten er in het lichaam waren.
Dit leverde een grote kans op voor producenten: alles met antioxidanten was ineens goud waard. Het werd een grote reclamehype die blindelings werd geloofd. Een paar jaar geleden werd het nog vol trots op de verpakking gezet als een product bomvol zat met antioxidanten omdat ze verschillende gezonde effecten zouden hebben. Tegenwoordig mag dit niet meer op producten vermeld worden.

IMG_20150416_234158

Groene thee extract wordt vanwege de hoge concentratie antioxidanten veel geslikt

Eerder kanker en overlijden
Verschillende onderzoeken hebben namelijk aangetoond dat je juist eerder kanker krijgt door antioxidanten. In 1994 werden resultaten gepubliceerd naar de invloed van β-caroteen, dat omgezet kan worden tot vitamine A. Deze stof is niet alleen te vinden in groene en oranje groenten, maar ook in een vitaminepot. Rokers die deze antioxidant slikten kregen vaker longkanker. In 1996 werd een vergelijkbaar onderzoek afgerond. Hieruit bleek dat in de vijf jaar dat rokers β-caroteen kregen ze 28% meer kans hadden op longkanker. Daarnaast 12030193816_a954594c6fwaren er tijdens het onderzoek 17% meer mensen overleden vergeleken met de groep rokers die geen vitaminen slikten. Ook is men erachter gekomen dat er naast een vergroot risico op longkanker ook meer kans is op maagkanker door β-caroteen. In 2007 bleek dat er 5% meer sterfgevallen door kanker zijn bij niet-rokers die β-caroteen, vitamine A en vitamine E  slikken. Hoewel er een paar onderzoeken tegenstrijdige data geven, bevestigen verreweg de meeste recente onderzoeken deze alarmerende resultaten.

Eat until you drop
Feit blijft dat oxidanten cellen beschadigen en dat antioxidanten deze beschadiging voorkomen. Zo blijkt maar weer dat niets zo simpel is als het lijkt. Er zijn verschillende vrije radicalen die allemaal een andere functie kunnen hebben. Zo kan de ene vrije radicaal schadelijk zijn terwijl de ander broodnodig voor onze gezondheid is. Ook kan het zijn dat een bepaalde concentratie een positief effect heeft, terwijl alle hoeveelheden die daarvan afwijken schadelijk zijn. Met andere woorden, we weten nog niet wat gezond is en wat niet. Maar bij mij gaan de vitaminepillen in ieder geval de vuilnisbak in.

Literatuur:

  • Harvie, M. ‘Nutritional supplements and cancer: potential benefits and proven harms’. In: American Society of Clinical Oncology educational book, 2014, pp. 478-486.
  • Hashim, D., Gaughan, D., Lucchini, R.G. (2015). Baseline Serum β-carotene Concentration and Mortality among Long-Term Asbestos –Exposed Insulators. Cancer Epidemiology, Biomarkers and Prevention 24(3), pp. 555-560.
  • Versluis, K. (2013). De vrije val van de antioxidant. Bionieuws 6, pp. 8-9.
  • Wenner Moyer, M. (2015). The Myth of Antioxidants. Scientific American 1, pp. 20-25.